Ik heb vier luchtfoto’s die aan de randen goed te georefereren zijn. Echter in het midden is het land zo vergraven dat er geen herkenningspunten zijn.
Als ik de foto’s “los” georefereer komen de foto’s in het midden slecht overeen. Dus wil ik, vóór QGIS gaat rekenen, al punten aangeven waar de foto’s overlappen, zodat het programma daar rekening mee houdt.
Weet iemand of dat mogelijk is?
Wat is de bron van de foto’s? Satelliet, historie, drone?
Is orthorectificatie al toegepast? mogelijk is dit de bron voor de fout.
Als het drone foto’s zijn dan kan opendronemap (https://www.opendronemap.org/) mogelijk soelaas bieden. Voor de overige twee kan Geo-refereren en orthorectificatie met grass GRASS GIS manual: i.ortho.photo (hier heb ik geen ervaring mee). Of met pakketten ENVI en Erdas imagine.
Photogrammetriesoftware is hier geschikt voor. je zou een trial (gratis) kunnen aanvragen bij bijvoorbeeld pix4d, of als je handiger bent kan je ook open drone mapper proberen.
Daarbij maak ik gebruik van luchtfoto’s zoals deze.
Ik werk zo nauwkeurig mogelijk, gebruikmakend van onder andere bomtrechters en huizen. Dit gaat aardig, ik denk dat ik binnen enkele meters nauwkeurig zit.
Echter in het midden van de kaart, westelijk van de startbanen, zijn geen herkenningspunten. Alles is weg. Wel overlappen daar de foto’s waardoor ik kan zien dat het daar niet klopt. Omcirkeld dezelfde krater:
Aangezien de foto’s overlappen en op de foto’s dezelfde dingen staan zou ik dit graag aangeven zodat het programma daarmee rekening houdt.
Ik ga in ieder geval het Grass-gebeuren bekijken.
Ik gebruik Layer \ Georeferencer in Qgis 3.34.
En altijd Thin Plate Spline.
Thin Plate Spline lijkt me geen goed idee. Je dient je transformatie algoritme te kiezen op basis van de correcties die toegepast moeten worden.
Weet je bijvoorbeeld dat er alleen “geschaald” en “geschoven” moet worden, dan is een 1e graads polynomiaal transformatie beter dan een 6e graads of een Thin plate Spline.
Weet je dat er naast schalen en schuiven ook nog roteren nodig is dan heb je (even uit mijn hoofd) een 6e graads polynomiaal transformatie nodig.
De verkeerde transformatie kiezen zorgt ervoor dat de kans op overlap in het midden steeds kleiner wordt.
Luchtfoto’s uit een oorlog, waarbij de flak je links en rechts om de oren knalt zijn natuurlijk geen perfecte foto’s. Bovendien denk ik, dat juist dóór die oorlog, volop ontwikkeling gaande was rond de camera’s en bijhorende (afdruk)technieken, waardoor alle foto’s verschillend zijn.
Om een lang verhaal kort te maken, alleen “schalen roteren schuiven” is er niet bij. En dan hebben we het nog niet eens over parallax gehad in verband met geaccidenteerd terrein.